Elke kwalificatie hoort bij de race erna
Je snelste ronde in kwalificatie 1 bepaalt waar je start in race 1. De korte kwalificatie van drie minuten doet hetzelfde voor race 2.
SprintCup draait om twee dingen: zo gelijk mogelijk materiaal en sportief rijden. Alles hieronder volgt uit die twee uitgangspunten.
Vijf sessies per categorie. Je kwalificeert in de kart waarin je ook racet; daarna wordt opnieuw geloot.
Je snelste ronde in kwalificatie 1 bepaalt waar je start in race 1. De korte kwalificatie van drie minuten doet hetzelfde voor race 2.
De opgetelde uitslag van beide sprintraces bepaalt je startplaats voor de finale. Twee keer goed presteren weegt zwaarder dan één uitschieter.
De categorieën rijden om beurten hun sessies. Dat geeft iedereen hersteltijd en houdt het programma voor publiek doorlopend interessant.
Je hoeft geen kart te bezitten, te sleutelen of te vervoeren. De baan levert de vloot; wij bepalen samen met de baan welke karts inzetbaar zijn.
Vóór elk evenement rijden we de karts in en vergelijken we rondetijden. Karts die er structureel positief of negatief uitspringen halen we zoveel mogelijk uit de vloot voor die dag.
Instellen, verzwaren of verwisselen van onderdelen mag niet. Alleen de stoelpositie en de pedaalafstand worden op je lengte afgesteld.
Weeg je met kleding en helm minder dan het basisgewicht van je klasse, dan rijd je met ballast tot dat gewicht. Weeg je meer, dan hoef je niets te doen — er is geen bovengrens.
Er wordt geloot voor kwalificatie 1 en race 1, opnieuw voor kwalificatie 2 en race 2, en nog een keer voor de finale. De loting gebeurt ter plaatse en is voor iedereen te volgen.
De loting is zo opgezet dat je op één racedag drie verschillende karts rijdt. Een minder goede kart kost je hooguit één van de drie blokken.
Alleen de karts gaan op loting — je startplaats niet. Die rijd je bij elkaar in de kwalificatie en in de races.
Valt je kart aantoonbaar uit door een defect, dan bepaalt de wedstrijdleiding of de sessie wordt overgereden of geneutraliseerd.
Een tik om erlangs te komen levert een tijdstraf of positieverlies op. Racen is duwen en trekken op de baan, niet erop.
Incidenten worden na de race bekeken en beoordeeld. Uitspraken worden op de dag zelf toegelicht, zodat je weet waar je aan toe bent.
Van waarschuwing naar tijdstraf, naar schrapping van het resultaat. Bij herhaling volgt uitsluiting voor de rest van het seizoen.
Word je gedubbeld, laat de snellere rijder er dan netjes langs. Aan de rijders langs de baan — en aan hun begeleiders — vragen we hetzelfde.